Behoud de Parel op Facebook.

U bent hier

Aanvankelijk was er een themabijeenkomst over de gezondheidseffecten van de Intensieve Veehouderij (IV) op omwonenden aangekondigd. Naar aanleiding van het publiceren van een rapport van het RIVM over dat onderwerp. Het bleek uiteindelijk “slechts” een informatiebijeenkomst te zijn. En de informatie werd verstrekt door een medewerker van Alterra (Wageningen Universiteit), medewerkers van de GGD Limburg Noord en een boer. De belangenorganisaties van omwonenden die te maken hebben met de overlast van de IV stonden vreemd genoeg niet op de lijst van sprekers. Daarom nodigden zij zichzelf uit. Thea Lemmens (Werkgroep Kleefsedijk uit Sevenum), Paul Geurts en André Vollenberg (Behoud de Parel uit Grubbenvorst) en Geert Ambrosius (Werkgroep Behoud Woonomgeving de Paes uit Horst). Zij maakten gebruik van de mogelijkheid om in te spreken. Ze kregen ieder vijf minuten…
 
Inbreng burgers en belangengroepen
Zowel Thea Lemmens riep in haar betoog (zie bijlage) op tot een veelzijdige en open discussie, waarin  alle vlakken belicht zullen worden en dat alle betrokkenen hun zegje mogen doen. Ook Paul Geurts ging in op het feit dat de bewonersgroepen niet vertegenwoordigd waren in de rij van sprekers (zie bijlage). Hij plaatste ook vraagtekens bij de wel uitgenodigde sprekers. Met betrekking tot de spreker van GGD Limburg Noord wees hij er op, dat zij tot twee keer toe in opdracht van de gemeente een rapport hadden geproduceerd waarin – waar het gaat om gezondheidseffecten vanuit het Nieuw Gemengd Bedrijf (30.000 varkens, 1,23 miljoen kippen, een slachterij en een mestverwerkingsinstallatie) – geen vuiltje aan de lucht was. Geert Ambrosius noemde het “een valse start” en “een gemiste kans” om belanghebbende burgers niet uit te nodigen. In zijn inleiding op de informatiebijeenkomst stelde wethouder Vorstermans (CDA) dat er na deze informatiebijeenkomst alsnog een “raadsthema-avond” worden georganiseerd en daar zal dan wél inbreng van burgers en belangengroepen worden toegelaten.
 
Bestemmingsplan Buitengebied
In zijn inleiding gaf Vorstermans aan dat de aanleiding voor de informatiebijeenkomst het nieuwe Bestemmingsplan Buitengebied was. Er ligt een zogenaamd “voorontwerp” van de bestemmingsplan klaar. Uitgangspunt wordt, dat nieuwvestigingen van Intensieve Veehouderij alleen nog maar toegelaten worden in Landbouw Ontwikkelingsgebieden (LOG’s), waar Horst aan de Maas er twee van heeft. En verder wordt uitgegaan van bouwblokken van maximaal 1,5 hectare. Ter vergelijking: het NGB heeft nu een bouwblok van 6 ha. Naar aanleiding van de geconstateerde gezondheidseffecten van de IV opperde hij het idee om deel te nemen aan een pilot van de provincie Limburg (Project “Schone Stallen”). Tot nu zijn er twee pilots voorgesteld: in Nederweert en IJsselstein. In het project zijn ook – naast vertegenwoordigers van agrariërs - vertegenwoordigers van de Natuur- en Milieufederatie betrokken.
 
Na Vorstermans kwam de heer Gies van Alterra (Wageningen Universiteit) aan het woord. Hij schetste een ontwikkeling van botsende belangen in het buitengebied, schaalvergroting (maar ook kleinschalige lokale initiatieven) en technologische innovatie. Hij constateerde dat de kwaliteit van de leefomgeving onder druk staat, maar dat wellicht lokale oplossingen gevonden worden in nieuwe samenwerkingsverbanden. Met statistieken maakte hij duidelijk dat er een daling was van het aantal dieren in het algemeen en in Horst aan de Maas in het bijzonder, maar dat er een stijging was van het gemiddelde aantal dieren per bedrijf. Horst aan de Maas telde in 2015 gemiddeld per bedrijf 2425 vleesvarkens, 2050 fokvarkens, 148.000 vleeskuikens en 98.300 leghennen. In deze cijfers zijn de stijgingen als gevolg van gemaakte plannen (denk aan het NGB) niet meegenomen.
 
Uitgebreid ging Gies in op de mestverwerking. Hij gaf aan dat de (rijks)overheid uit is op schoon grond- en oppervlaktewater. Om de overproductie va mest weg te krijgen, wil die overheid gebruiksnormen per hectare vaststellen en de mestproductie begrenzen via het voer, mestverwerking en export van mest. Als reactie op het betoog van Gies stelde SP-raadslid Thijs Lenssen dat vooralsnog niet ingezet wordt op de vermindering van het aantal dieren en daar waar ingezet wordt op export van mest, gestuit zal worden op importbeperkingen, zoals die in bijvoorbeeld Noordrijn Westfalen nu al gebeurd door nieuwe wetgeving.
 
Gies wees in zijn betoog op de plafonds, die de EU heeft gesteld aan met name stikstof en fosfaat (beiden componenten van mest). Met name door de groei van melkvee (na de liberalisering en het opheffen van de melkquotums) is Nederland door de plafonds geschoten en zijn er nog grotere mestoverschotten! In Zuid-Oost Brabant en Noord-Limburg wordt dat vooral veroorzaakt door de grote concentraties aan varkensbedrijven. Staatssecretaris Van Dam streeft er naar om in 2017 tot evenwicht te komen. Ondertussen zijn de agrariërs zelf ook bezig, samen met de RABO-bank en de overheid. Zij hebben een plan opgesteld met als titel: “Vitalisering Varkenshouderij 2016”. Uit de woorden van Gies wordt al snel duidelijk dat het in het plan vooral gaat om de economische waarde van vlees uit de intensieve veehouderij te verhogen. Mestverwerking is daaraan ondergeschikt. In het plan wordt – als het gaat om die mestverwerking – ingezet op de zogenaamde Valorisatie van mest. Streven zou moeten zijn de mest te verwerken in vergistingsinstallaties, boeren de regie te geven op de “mestmarkt” en een goede dialoog tot stand te brengen tussen boeren en omwonenden. In zijn bijdrage aan de informatieavond benadrukte Ludo Poels (varkensbedrijf in Meerlo) dat die dialoog van groot belang is, waarbij het er op aan komt dat boeren – eenmaal afspraken gemaakt hebbend – zich ook aan die afspraken houden. Zijn bedrijf – zo stelt hij – is er een schoolvoorbeeld van.
 
Tijdens hun inspraak (van vijf minuten) hebben André Vollenberg (zie bijlage) en Geert Ambrosius al duidelijk gemaakt, dat grote vraagtekens geplaatst moeten worden bij “mestverwerking”. Vollenberg, voorzitter van Behoud de Parel, stelde dat de realiteit is dat mestverwerking via vergisting geen oplossing biedt. Volgens hem wordt daarmee het paard achter de wagen gespannen! Hij wist er op dat het buitenland op termijn die 6 miljoen ton mest die Nederland kwijt wil ook niet meer wil: zij gaan zelf méér produceren. Op de vraag hoe wij dan nog van het mestoverschot af kunnen komen is zijn antwoord even kort als effectief: wij moeten minder beesten gaan houden in Nederland! Geert Ambrosius wees er op dat in artikel 21 en 22 van de Grondwet staat dat het bevoegd gezag en de overheid verantwoordelijk zijn voor een goede leef - en woonomgeving en voor de gezondheid van haar burgers. Helaas – zo constateert hij - worden deze artikelen door uitvoering van de Wet Geurhinder Veehouderij (WVG) met voeten getreden.  Ondanks de vele waarschuwingen door burgergroeperingen en artsen worden veel burgers blootgesteld aan onverantwoorde hoeveelheden stank en stof.

Gezondheid eerst
Onder de leuze “Gezondheid eerst” heeft de vereniging Behoud de Parel al vanaf 2007 gepleit voor het stellen van normen waar het gaat om de effecten van de IV op de gezondheid van omwonenden. Uiteindelijk hebben de  inspanningen van Behoud de Parel en andere bewonersgroepen en belangenorganisaties geleid tot een langjarig onderzoek van onder andere het RIVM naar de gezondheidseffecten van de IV. Onlangs verscheen daarover een rapport (lees hier meer informatie over dit rapport). Mevrouw Meijerink van GGD Limburg Noord liet haar licht schijnen over dit rapport (de door haar gebruikte diapresentatie is te vinden in de bijlage). Zij concludeerde dat – op basis van onderzoek in Stramproy, Afferden en Horn – er niet méér astma en COPD (luchtwegziektes) voorkwamen in de nabijheid van IV-bedrijven. Maar als men al luchtwegproblemen had, waren die bij omwonenden van IV-bedrijven wél complexer. Het rapport laat dus “positieve” en “negatieve” effecten van de IV zien, aldus Meijerink. Maatregelen zullen volgen in de nieuwe Omgevingswet, die in 2019 zal verschijnen en waarin gezondheidscriteria zullen worden opgenomen. Volgens Meijerink zijn de resultaten van het rapport niet te vertalen naar de situatie in Horst aan de Maas. Daartoe worden nog vervolgonderzoeken ingesteld, die in 2017 met resultaten zullen komen. Op de vraag van PvdA-raadslid Van der Weegen of met de recente onderzoeksresultaten van het RIVM in de hand de conclusies van de eerdere rapporten van GGD Limburg Noord over de gezondheidseffecten van het NGB bijgesteld zouden moeten worden, stelde Meijerink verrassend, dat dat volgens haar niet het geval is.  De conclusies zouden nog recht overeind staan. Daarmee verbazing oproepend bij vele commissieleden en de mensen op de publieke tribune, die in grote getalen aanwezig waren. Zij wees er nog eens op dat het NGB relatief ver (anderhalve kilometer) afstand zou komen te staan van de dichtstbijzijnde woonkernen…
 
Paul Geurts herinnerde de aanwezigen raads- en commissieleden aan een toezegging van het College van B&W en de gemeenteraad: als zou blijken dat er sprake is van negatieve gezondheidseffecten vanuit de Intensieve Veehouderij, zou dat consequenties moeten hebben voor de plannen van – in dit geval – het Nieuw Gemengd Bedrijf. Sinds het verschijnen van het rapport van het RIVM heeft Geurts – zo stelt hij - nog niemand gehoord die zegt dat die belofte nog eens tegen het licht moet worden gehouden. Hij stelt dat het voorzorgsbeginsel – bij twijfel niet inhalen – steeds buiten beschouwing is gebleven, als het gaat om de gezondheidseffecten van de IV. Tot nu toe zijn er alleen cosmetische maatregelen zonder effect voorgesteld. Net als Behoud de Parel hoopt hij dat de gemeenteraad de gezondheid bovenaan gaat zetten: Gezondheid Eerst. In haar reactie op de informatie gaf ook PvdA-wethouder Op de Laak aan, dat veel nadrukkelijker naar de gezondheidseffecten gekeken moest worden en niet alleen naar de economische aspecten. En dan dienen volgens haar hogere normen gehanteerd te worden dan tot nu toe het geval is. Raadslid Lenssen van de SP wees haar er op, dat een hogere ambitie prima is, maar dat in Horst aan de Maas op dit moment vaak zelfs de nu geldende normen niet gehaald worden door falende handhaving…
 
Veel onderwerpen nog te bespreken
Aan het einde van deze informatieavond werd door de verschillende fracties aangegeven, welke onderwerpen in de komende raadsthema-avond aan de orde gesteld zouden moeten worden. Het CDA gaf bij monde van raadslid Weijs aan dat goed bekeken moet worden welke resultaten beoogd worden met de discussie omtrent de IV, waarbij hij alvast pleitte voor een “balans” tussen economische en maatschappelijke belangen. Verder leek het hem van belang dat de resultaten van de reconstructie eens onder de loep te nemen en wat de consequenties zijn van dit (uiteindelijk falende) beleid. Tenslotte vroeg hij aandacht voor de langslepende juridische procedures – zoals bijvoorbeeld bij het NGB speelt en speelde – waar naar zijn idee, bedrijven, burgers en gemeenten geen voordeel van hebben. De PvdA-fractie vroeg nu al te bekijken op welke wijze het voorzorgsbeginsel nu al toegepast zou kunnen worden en wellicht zou dat zelfs moeten leiden tot een pas op de plaats voor de bouw van het NGB, totdat daar meer duidelijkheid over zal zijn. SP-raadslid Thijs Lenssen tenslotte bepleitte de discussie omtrent maatregelen tegen de negatieve gezondheidseffecten van de IV te plaatsen in de ambitie van Horst aan de Maas de gezondste regio van Nederland te worden. Dat biedt volgens hem kansen, bijvoorbeeld door op dit punt een pilot te starten. Ook dient naar zijn mening gekeken te worden naar de mogelijkheden van hervestiging van bedrijven. D66-woordvoerder Weijs tenslotte vroeg met name aandacht voor de vraag waarop bewoners en belangengroepen betrokken kunnen worden bij de raadsthema-avond.

Hier kunt u de informatie-avond beluisteren (betreft agendapunt 2 van de vergadering van de Commissie Ruimte van de gemeenteraad van Horst aan de Maas).

Projecten & onderwerpen: 
Behoud de Parel